Iedereen mee – juist nu het klimaat verandert

25-01-2026
Mobiliteit
Naar een rechtvaardige mobiliteitsaanpak in tijden van klimaatverandering.
Een overspoelde weg
Juliette Eulderink

JulietteEulderink

Juliette Eulderink, adviseur klimaatadaptatie, werkt dagelijks aan adviezen over hoe organisaties kunnen omgaan met de impact van klimaatverandering en hoe ze deze kunnen verminderen of zelfs voorkomen. Ze onderzoekt de risico’s, stelt prioriteiten en biedt concrete handvaten voor implementatie.
Esmee van Selst

Esmeevan Selst

Esmee is adviseur duurzame mobiliteit en stadssocioloog met focus op mensgericht mobiliteitsbeleid en gedragsverandering. Ze werkt aan oplossingen die mobiliteit eerlijker, veiliger en klimaatbestendig maken en vertaalt complexe vraagstukken naar praktische maatregelen.

Naarmate Nederland zich wapent tegen de gevolgen van klimaatverandering, wordt steeds zichtbaarder dat bescherming niet voor iedereen vanzelfsprekend is. Klimaatrechtvaardigheid gaat over de eerlijke verdeling van risico’s, middelen en zeggenschap. Dit heeft invloed op het dagelijks leven, en daarmee ook op de manier van reizen van A naar B - het mobiliteitsdomein. Juist in dit domein worden bestaande ongelijkheden zichtbaar en soms versterkt. Hoe kan dat anders?

Volgens Ir. Juliette Eulderink, expert klimaatadaptatie, en Esmee van Selst MSc, expert duurzame mobiliteit, vraagt klimaatverandering om een herwaardering van mobiliteit. Niet iedereen wordt even hard geraakt, en dus is er maatwerk nodig. Ze roepen beleidsmakers op deze ongelijkheid actief mee te nemen in afwegingen: niet alleen door te investeren in robuuste en flexibele infrastructuur, maar vooral door te zorgen dat iedereen toegang houdt tot essentiële voorzieningen onder een veranderend klimaat.

Wat bedoelen we met klimaatrechtvaardigheid?

Klimaatrechtvaardigheid gaat over de eerlijke verdeling van risico’s, middelen en zeggenschap bij klimaatverandering. In de context van mobiliteit en klimaatadaptatie draait het om drie vraagstukken:

  • Verdelende rechtvaardigheid: wie draagt de lasten, wie profiteert?
  • Procedurele rechtvaardigheid: wie mag meebeslissen?
  • Erkenning: wie wordt gezien en gehoord?

Mobiliteit is meer dan infrastructuur. Het is toegang tot werk, zorg, onderwijs en sociale contacten. Maar niet iedereen heeft dezelfde toegang, want sommige groepen zijn volledig afhankelijk van één specifieke modaliteit zoals de fiets, de auto of het OV. Tegelijkertijd worden in Nederland de gevolgen van klimaatverandering steeds zichtbaarder en ingrijpender. Volgens de KNMI-klimaatscenario’s neemt de kans op extreem weer aanzienlijk toe: hittegolven worden frequenter en intensiever, met mogelijk tot wel 35 tropische dagen per jaar tegen het einde van deze eeuw. Ook neemt de kans op langdurige droogte toe, vooral in de zomer, terwijl de winters juist natter worden. De intensiteit van neerslagbuien stijgt, wat leidt tot meer wateroverlast en overstromingen. Tegelijkertijd daalt het aantal ijsdagen en stijgt de zeespiegel gestaag, wat extra druk legt op de kustverdediging. Deze klimaateffecten hebben niet alleen impact op de natuur en landbouw, maar ook op de volksgezondheid, infrastructuur, veiligheid en bereikbaarheid.

Esmee van Selst

Tien mensen met kantoorbanen die een dag moeten thuiswerken, wegen misschien wel anders dan één zorgmedewerker die het ziekenhuis niet kan bereiken. Kijk daarom niet alleen naar absolute aantallen, maar houd rekening met de maatschappelijke waarde.

Esmee van SelstAdviseur duurzame mobiliteit

Feiten & cijfers (bron: ABN AMRO, RIVM, KNMI)

Volgens ABN AMRO zijn er in Nederland zo’n 900 klimaatkwetsbare wijken, zij zijn gevoeliger voor hitte, droogte en wateroverlast en hebben minder middelen om zich aan te passen. Deze wijken hebben vaak een:

  • Lage WOZ-waarde (< €350.000)
  • Laag gemiddeld inkomen (< €35.000/jaar)
  • Energielabel C t/m G
  • Hoog percentage particulier eigendom (weinig collectieve slagkracht)

Daarnaast kan het in wijken met weinig groen en veel verharding tot wel 7°C warmer zijn dan in omliggende gebieden. Slechts 30% van de langzaam verkeersroutes (voetpaden en fietspaden) in kwetsbare wijken heeft voldoende schaduw. Hittestress leidt nu al jaarlijks tot honderden extra sterfgevallen, vooral onder kwetsbare groepen.

Klimaat en mobiliteit

Hitte vormt bijvoorbeeld een groeiend risico voor langzaam verkeer, zoals voetgangers en fietsers, doordat zij zich vaak in de volle zon en op verharde oppervlakken bevinden, waar de temperatuur sterk kan oplopen. Dit heeft directe gevolgen voor mobiliteit en bereikbaarheid: extreme hitte kan leiden tot gezondheidsproblemen, verminderde verkeersveiligheid en een afname van het gebruik van duurzame modaliteiten en daarmee ook ov hubs, waardoor steden minder toegankelijk worden voor kwetsbare groepen en de druk op andere vervoersvormen toeneemt.

Bij hevige neerslag kunnen straten en wegen onder water komen te staan, waardoor delen van het wegennet tijdelijk onbegaanbaar worden voor auto's, fietsen en zelfs hulpdiensten zoals ambulances en brandweerwagens. Dit leidt tot verkeersstremmingen, vertragingen en verhoogt de kans op ongevallen. Vooral in stedelijke gebieden, waar verharding en beperkte afwatering het probleem verergeren, kan wateroverlast de bereikbaarheid van vitale voorzieningen en woonwijken ernstig beperken. Daarnaast kan schade aan infrastructuur, zoals bruggen, tunnels en spoorlijnen, langdurige verstoringen veroorzaken in het openbaar vervoer en goederenvervoer. Ook hierin zit ongelijkheid verborgen, voor sommige doelgroepen is het bijvoorbeeld veel makkelijker om thuis te werken wanneer de mobiliteitsopties niet meer vanzelfsprekend zijn, dan voor andere doelgroepen.

Ook extreme weersomstandigheden, zoals bijvoorbeeld hevige sneeuw stormen, hebben meer invloed op specifieke doelgroepen dan andere – zo is het strooibeleid bij veel overheden vaak primair gericht op wegen voor gemotoriseerd verkeer, terwijl doelgroepen die afhankelijk zijn van lopen of fietsen meer risico's lopen op ongevallen.

Botsende belangen: als klimaatadaptatie inclusie in de weg zit

Klimaatadaptatie is noodzakelijk, maar niet altijd vanzelfsprekend inclusief. Soms botsen technische maatregelen met sociale behoeften. Een voorbeeld van een dilemma in de openbare ruimte: om wateroverlast te voorkomen zijn hoogteverschillen nodig om water effectief af te voeren, maar die maken het moeilijker voor mensen in een rolstoel of met een rollator. Maatregelen voor waterbeheer kunnen ten koste gaan van de toegankelijkheid, maar met slimme ontwerpkeuzes hoeft dat niet het geval te zijn.

Een ander voorbeeld is de wens om steden te vergroenen. Meer bomen en minder verlichting dragen bij aan biodiversiteit en verkoeling, maar kunnen het gevoel van veiligheid op straat verminderen. Een donker fietspad omgeven door dichtbegroeide vegetatie kan op papier klimaatbestendig zijn, maar in de praktijk leiden tot vermijding of angst.

Deze voorbeelden laten zien dat klimaatadaptatie vraagt om afwegingen. Niet alleen tussen kosten en baten, maar tussen verschillende gebruikers, waarden en perspectieven. Juist daarom is het belangrijk om bewoners actief te betrekken bij ontwerp en besluitvorming, zodat oplossingen niet alleen technisch kloppen, maar ook sociaal gedragen worden.

Consultant Climate Adaptation & Resilient Assets

Als infrastructuur geschikt is voor een 8-jarige en een 80-jarige, dan is zij vaak toegankelijk, veilig en comfortabel voor vrijwel iedereen. In het kader van klimaatadaptatie betekent dit dat maatregelen niet alleen technisch effectief moeten zijn, maar ook sociaal inclusief. Dit lukt alleen als je de mens centraal zet.

Ir. Juliette EulderinkExpert klimaatadaptie

Aan de slag voor een eerlijker mobiliteitssysteem

Overheden kunnen met gerichte adaptatiemaatregelen bijdragen aan een eerlijker en veerkrachtiger mobiliteitssysteem. Hoe? Door bewustwording van de ongelijkheid, het streven naar een eerlijker systeem met aandacht voor de volgende zaken:

1. Analyseer kwetsbaarheid en impact

Met ruimtelijke data, zoals waterdiepte- en gevoelstemperatuurkaarten, kunnen we bepalen waar de grootste klimaatrisico’s liggen. Deze data kan ook slim worden gebruikt om vast te stellen waar bewoners de meeste (mobiliteits)hinder ervaren en het minste handelingsperspectief hebben. Het gaat hierbij om impact. We moeten kijken naar het netwerk als geheel. Mobiliteit bestaat niet uit losse lijnen of diensten, maar uit een verweven netwerk van vervoersmogelijkheden. Dit netwerk verbindt mensen, plekken en modaliteiten. Voer bijvoorbeeld schaduwanalyses uit op langzaamverkeersroutes of begaanbaarheidsanalyses voor belangrijke routes bij hevige regenval. Wat zijn de schakels die niet mogen uitvallen?
Let ook op de ruimtelijke spreiding van sociaaleconomische data. Waar wonen en werken kwetsbare groepen? Waar bevinden zich vitale locaties, zoals scholen en ziekenhuizen?

2. Ontwerp klimaatadaptief voor iedereen

Mobiliteitskeuzes in het kader van klimaatadaptatie vragen om meer dan technische effectiviteit of ruimtelijke efficiëntie: ze moeten ook inclusief en klimaatrechtvaardig zijn. Dat betekent dat maatregelen niet alleen gericht moeten zijn op het beperken van bijvoorbeeld hittestress of wateroverlast, maar ook op het vergroten van de toegankelijkheid en leefkwaliteit voor álle bewoners, ongeacht leeftijd, fysieke mogelijkheden of sociaaleconomische positie.

Een interessant ontwerpprincipe is de zogeheten 8-tot-80-analyse, waarbij de stad klimaatadaptief wordt ontworpen met zowel jongeren als ouderen in gedachten. Als infrastructuur geschikt is voor een achtjarige én een tachtigjarige, dan is zij toegankelijk, veilig en comfortabel voor vrijwel iedereen.

In het kader van klimaatadaptatie betekent dit dat maatregelen niet alleen technisch effectief moeten zijn, maar ook uitnodigend en bruikbaar voor kwetsbare groepen. Denk aan een schaduwrijke, goed verlichte wandelroute die bescherming biedt tegen hitte en uitnodigt tot bewegen – prettig voor ouderen, kinderen én mensen met een beperking. Of aan verhoogde fietspaden die regenwater efficiënt afvoeren, maar ook voldoende breed en vlak zijn om veilig te gebruiken door rolstoelgebruikers of mensen met een rollator.

3. Versterk de sociale infrastructuur

In de transitie naar een klimaatbestendige leefomgeving is het versterken van de sociale infrastructuur minstens zo belangrijk als het aanpassen van de fysieke ruimte. Publieke voorzieningen als buurthuizen, bibliotheken, wijkcentra en ov-hubs kunnen een sleutelrol spelen in het vergroten van de veerkracht van buurten.
Deze plekken zijn niet alleen ontmoetingsplaatsen, maar kunnen ook fungeren als toegankelijke schuilplaatsen bij extreme weersomstandigheden. Door ze slim te positioneren en in te richten, kunnen ze dienen als koeltespots tijdens warme dagen, als opvanglocaties bij overstromingen of als informatiepunten waar bewoners terechtkunnen voor advies over klimaatadaptieve maatregelen.

4. Ontwerp met herstelvermogen

Niet alles hoeft bestand te zijn tegen elk klimaateffect. Terwijl hittegolven steeds vaker zullen voorkomen, blijft de kans op grootschalige overstromingen in veel gebieden relatief beperkt. Dit vraagt om een gedifferentieerde benadering, waarbij niet alleen robuustheid maar ook wendbaarheid en herstelvermogen centraal staan. Wendbaarheid betekent dat stedelijke infrastructuur en mobiliteitssystemen flexibel kunnen inspelen op veranderende omstandigheden. Denk aan tijdelijke omleidingsroutes bij wateroverlast, verplaatsbare schaduwplekken of drinkwatervoorzieningen tijdens hittegolven, of flexibele ov-diensten die hun routes of frequentie kunnen aanpassen aan acute weersomstandigheden. Zelfs het concept van een dag watervrij – als variant op sneeuw- en ijsvrij, een dag waarop de stad zich aanpast aan wateroverlast – is denkbaar.
Door te ontwerpen met herstelvermogen in gedachten, kunnen we beter omgaan met de realiteit van klimaatverandering.

5. Betrek bewoners

Om bij te dragen aan procedurele rechtvaardigheid en erkenning is het belangrijk dat belanghebbenden niet alleen worden geïnformeerd over mobiliteitsplannen, maar ook daadwerkelijk kunnen meedenken en meebeslissen. Zeker in buurten waar het vertrouwen in de overheid laag is, is dit cruciaal.

De toetsing van de technische analyse in de wijk is essentieel om tot gedragen oplossingen te komen. Een visuele weergave van knelpunten en kansen op de kaart biedt een concrete basis voor dialoog met bewoners. Herkennen zij de gemodelleerde probleemlocaties? Waar ontstaan volgens hen knelpunten bij hevige regenval? Welke loop- of fietsroutes worden als onaangenaam ervaren?
Door lokale kennis te integreren, kunnen maatregelen effectiever worden afgestemd op de werkelijke behoefte en context.

Tijd voor adaptieve mobiliteit

Klimaatverandering is geen ‘probleem voor later’. Effecten zoals hittegolven, wateroverlast en bodemdaling zijn al een realiteit en raken niet iedereen even hard. Overheden die nu investeren in klimaatrechtvaardige mobiliteit, bouwen niet alleen aan veerkrachtige netwerken, maar ook aan bereikbaarheid voor iedereen.

Dit artikel is ook verschenen in de december-editie van NM Magazine in 2025. Download de PDF hier en vind het artikel op pagina 26. 

Aan de slag voor duurzame mobiliteit? - Onze adviseurs helpen u graag op weg!

Aan de slag voor duurzame mobiliteit?

Onze adviseurs helpen u graag op weg!

Language is changing...